Natuur & klimaat

Sardinië is een eiland van scherpe contrasten: woeste en eenzame bergmassieven zoals de Gennargentu, de Monte Ortobene, glooiende heuvels met macchia (struiken tijm, venkel, mirte, die het eiland heerlijk laten geuren), wouden met kurkeiken, de enorme witte kalkstenen richel van de Monte Albo; zij bepalen het beeld van Sardinië. Veel gebieden worden al als nationaal park aangemerkt. Niet alleen om het landschap te waarborgen, maar ook om de vele diersoorten een veilig onderkomen te kunnen blijven geven. Daarnaast zijn de kustlijnen van Sardinië in één woord schitterend. Bekend zijn de adembenemende klippen van de Grotto di Nettuno bij Alghero en de krijtsteenrotsen aan de oostkust bij Cala Luna. Er zijn vele schilderachtige baaien, witte zandstranden en overal is de zee kristalhelder en azuurblauw.

De winters zijn zacht (gem. dagtemperatuur in januari 14º C.) en de zomers zijn warm en droog (gem. dagtemperatuur juli 30º C.). Het voor- en najaar zijn mooie tijden om het eiland te ontdekken, te wandelen en kennis te maken met de vriendelijke bevolking. De natuur, die tijdens de zomermaanden onder de alles verzengende zon bruin kleurt, krijgt in het najaar haar voorjaarskleuren weer terug.